
Ook op Spotify
Wat als je bang bent om te groeien?
Je hebt het waarschijnlijk al wel eens gevoeld. Het moment dat je groeit en ontwikkelt en dat het opeens te snel gaat, te groot lijkt of niet is wat je verwachtte. En dan komt de vraag: wat als ik bang ben om te groeien?
Om dit te kaderen wil ik eerst toelichten wat angst eigenlijk is. Angst is een emotie die gevormd wordt – of toch grotendeels – in de amygdala, een klein stukje van het limbisch brein – of aapjesbrein.
De enige functie van angst is activatie van het lichaam, actie nemen, de situatie veranderen of vermijden tot de reden voor de angst weg is. Die redenen kunnen zowel echte als ingebeelde gevaren zijn.
Groei is verandering, en dat is een typisch voorbeeld van zo’n ingebeeld gevaar, en dus schiet je amygdala in actie. Je brein koppelt bij groei en verandering automatisch angst aan je vast.
Angst en verandering
Ik ben bijvoorbeeld op 25-jarige leeftijd gaan samenwonen met mijn vrouw. Op een koude, regenachtige zondag reed ik van Rotselaar naar Kortenaken om er definitief te blijven.
Maandag hadden we allebei nog verlof en zaten we samen thuis, maar dinsdag moest mijn vrouw naar Brussel en werkte ik van thuis uit. Ik zat alleen – toen nog zonder huisdieren – in een vreemde woonkamer op mijn laptop te tokkelen terwijl de angst en de paniek en de pijn in mijn lijf begonnen op te wellen.
Ik miste mijn katten, mijn vertrouwde kamer, het geluid van thuis. Alles in mij verzette zich tegen de realiteit en schreeuwde dat ik een serieuze fout gemaakt had.
Zonder overdrijven was dat één van de ergste dagen van mijn leven.
Zelden heb ik mij zo ontworteld gevoeld als die dag. Ik was moe, bang en ik zat gevangen in het huis van een vreemde.
Toegegeven, ik ben slecht met verandering. Ik was in de 20 jaar daarvoor nooit zelfs maar van kamer veranderd, dus het huis verlaten ging altijd moeilijk zijn. Maar het illustreert wel hoe angst – hoe krachtig ze ook is – niet betekent dat een beslissing juist of fout is.
Het alternatieve pad – thuis blijven wonen – was totaal ondenkbaar. Ik had werk, een geweldige partner en wou mijn eigen leven en een gezin opbouwen. Dat was de reden waarom ik ben gaan samenwonen met mijn vrouw, en ondertussen zijn we hier gelukkig met onze dochter, onze kat en onze hond.
In je eigen leven heb je ongetwijfeld gelijkaardige keuzes moeten maken. Waar ga je studeren? Wat ga je studeren? Waar ga je werken? Wat wil je voor werk doen?
Het zijn allemaal vragen die angst kunnen aanjagen. Want wat als het toch niet de juiste beslissing lijkt te zijn? Hou je niet beter alles hetzelfde?
We zijn als mens ook niet geëvolueerd om die beslissingen te maken. Op de Afrikaanse savanne werden zo’n keuzes vaak voor ons gemaakt. Je hoeft je ouders niet te verlaten als die gestorven zijn aan een ziekte, en je twijfelt ook niet wat je moet gaan studeren als je maar twee opties hebt: eten vinden of verhongeren.
Maar in de huidige maatschappij moet je zelf de moeilijke keuzes maken, en de gevolgen ervan dragen.
En daar komen we opnieuw bij de originele vraag. Wat als ik bang ben om te groeien? Bang om een studierichting te kiezen, bang om te beginnen werken en alleen te gaan wonen, bang om te starten als zelfstandige? Wat als ik dat allemaal niet leuk vindt?
Het antwoord daarop is simpel: het hoeft helemaal niet leuk te zijn. Het moet de moeite waard zijn.
Kijk naar mijn keuze om het huis uit te gaan. Beide opties hebben positieve en negatieve punten. Thuisblijven is comfortabel, bekend en staat mij toe rustig verder te werken, maar dan kan ik geen gezin opbouwen en kan ik mijn huishouden niet doen zoals ik wil, en vica versa.
De keuze is niet gemaakt om wat leuk zou zijn, maar om wat voor mij de moeite waard was. Het is een klassiek voorbeeld van focus op het positieve, op wat het oplevert op de lange termijn – ook leuke dingen – en wat jij wil bereiken in je leven.
Over wolven en eten
Veel coaches en educatoren komen hier af met de oude folklore van de twee wolven. Het verhaal gaat dat een oude Cherokee (één van de indianenstammen) tegen een jongeling uitlegt dat er twee wolven in hem zitten die elk strijden om controle. De ene wolf bestaat uit blijdschap, positiviteit en groei. De andere bestaat uit angst, agressie en negativiteit.
“En wie wint er dan?” vraagt de jongeling, waarop de oudere zegt: “Degene die ik het meest te eten geef.”
Maar dat is maar de helft van het verhaal. Want de oudere vervolgt:
“Maar je kan geen van beide wolven doden. En hoe meer uitgehongerd de kwade wolf is, hoe onvoorspelbaarder en wanhopiger die wordt, tot die op het slechtst mogelijke moment toch ineens de macht grijpt.”
Dat brengt mij tot de conclusie op de originele vraag.
Wat als je bang bent om te groeien?
Dan is de kans groot dat je op de juiste weg bent. En met angst omgaan is helaas niet binair. Het gaat niet alleen om focus op het positieve. Het gaat ook om erkenning en begrip van het negatieve.
Het gaat om beide wolven hun plaats in jouw roedel te leren kennen. Want angst is geen vijand van groei. Het is één van wolven die je meeneemt op weg naar jouw bestemming, en je leert hem best kennen voor hij in je hielen bijt als je niet kijkt.
Wil je hier samen mee aan de slag? Kijk hoe je met mij kan samenwerken.
