La tristesse de grandir – En wat als ik triest wordt van groei?

Cedric Van Eesbeeck Loopbaancoaching stress burnout ADHD Leuven Tienen Boutersem

Ook op Spotify

Vorige keer had ik het over de angst die gepaard gaat met groeien. Ik kreeg toen de vraag: is het normaal dat ik mij ook triestig voel als ik groei? Het korte antwoord: ja. En niet alle triestigheid is gelijk. Ik leg je vandaag uit welke vormen je kan tegenkomen – zowel bij juiste als foute beslissingen.

Dear basketball

Laat mij beginnen met een persoonlijke anekdote. Ik speel graag basketbal. Altijd al gedaan, vanaf ik kind was tot op vandaag. Ik kan eindeloos lang een bal door een ring proberen gooien. Tijdens de speeltijd op school, de lessen LO of de jaren dat ik het in Kessel-lo bij de lokale basketbal-club deed, ik kreeg er geen genoeg van. 

En toen ik dertien was kwam breaking (of breakdance) plots in mijn leven. Ik stopte basketbal in clubverband, genoot er nog van tijdens de lessen LO maar het moest plaats maken voor de grote liefde van mijn leven. Breaking nam alles over.

Achterom kijken

Ik groeide en ontwikkelde als breaker, en dat voelde in het begin ook een beetje triest. Het voelde soms alsof ik heel de tijd vooruitkeek naar de verre horizon van breaking terwijl mijn basketbal eenzaam en verlaten achter mij in het donker lag. Ooit belangrijk, maar nu niet meer. 

Gelukkig verdween die triestheid, en dat was vooral omdat het de juiste keuze bleek te zijn. Breaking gaf mij op persoonlijk en artistiek vlak iets dat basketbal mij nooit kon geven. Ik was gegroeid in basketbal, maar ik kwam tot bloei in breaking.

Mensen en plaatsen

Het zijn natuurlijk niet alleen hobby’s die je soms moet achterlaten. Denk zelf maar eens terug aan de kleuterklas bijvoorbeeld, of de lagere school, en zelfs het middelbaar. Hoeveel mensen heb je al achter je gelaten? 

Hetzelfde met plaatsen. Je bent misschien al een paar keer verhuisd in je leven, of er was een speeltuin waar je als kind speelde, of misschien zelfs een oude basketbalzaal waar je vroeger trainde. Hoeveel van die bijzondere plaatsen heb je al jaren niet meer bezocht?

Hallo ik?

En dat brengt mij bij de Deense filosoof Soren Kierkegaard – mijn favoriete existentialist. Die sprak in de negentiende eeuw over de noodzaak van je ware zelf te vinden. En in tegenstelling tot wat de maatschappij ons tegenwoordig leert, is dat niet iets wat je ontdekt, maar wat je elke keer opnieuw wordt. Je ware zelf is volgens hem in een continue staat van verandering. 

Als je mijn vragen van daarnet hebt beantwoord – over de mensen en hobby’s en plaatsen die je hebt achtergelaten – dan ga je merken dat meneer Kierkegaard er niet ver af lijkt te zijn. Wie je vandaag bent is niet dezelfde als wie je tien jaar geleden was, laat staan wie je tien jaar in de toekomst zal zijn. 

Maar hoe kom je er dan achter wat je ware zelf is? En wat heeft dit te maken met triestheid en groei? En hoe weet je dan of je in de juiste richting groeit als het resultaat toch altijd triestheid bevat? 

Allemaal uitstekende vragen. Want kiezen is inderdaad verliezen, en gezien je ware zelf altijd in verandering is, heb je de keuze niet. Je moet keuzes maken, je moet groeien en daarmee moet je ook dingen achterlaten. 

Maar hoe maak je – wat triestheid betreft – de juiste keuzes? Welke triestheid is de juiste om te voelen na een goede keuze? 

Sta mij toe het te vergelijken met wandelen op een dunne richel met aan beide kanten een diepe afgrond. 

De weg vooruit is je nieuwe zelf. Nieuw werk, nieuwe hobby, nieuwe relatie, etc.

Aan de ene kant kan je in het ravijn vallen van afkeer en triestheid over je vroegere zelf. Je kan denken: “Ik ben triest en beschaamd dat ik vroeger zo was.” 

Het kan dat je je vorige relatie of werk bijvoorbeeld echt verschrikkelijk vond.

Maar ook het tegenovergestelde kan. Je kan denken: “Ik was vroeger echt de beste versie van mezelf, alles is sindsdien minder geworden.” 

Evenwicht en focus

Als ik terugkijk naar mijn eigen tijd als basketballer had ik in beide afgronden kunnen vallen. Ik had mezelf kunnen haten en denken: “Ik kan niet geloven dat ik ooit zo competitief en meedogenloos een spel gespeeld heb zoals ik basketbal speelde.” 

Of evengoed had ik de toekomst kunnen vervloeken en denken: “Ik heb nooit meer zo veel applaus of bewondering gekregen of zo veel gewonnen als toen.”

Goed versus slecht

Als je een slechte beslissing neemt, dan is het onvermijdelijk dat je in één van die afgronden valt, en dat ga je ook voelen. Ofwel vind je je vroegere zelf beter en wil je terug, ofwel vind je die vroegere zelf verschrikkelijk en wil je er zo snel mogelijk van weg. 

De gulden middenweg – en de juiste triestheid – zit verborgen in wat Kierkegaard definieert als “de ware zelf”: continu in verandering. En dat betekent dat je moet aanvaarden wie je ooit was, EN aanvaarden wie je wordt.

Maar waarom aanvaarden wie je was?

Als je je triest voelt over wie je vroeger was, zelfs verachting voelt, dan kan je nieuwe ik ook de foute zijn op dat moment. Want hoe je het ook draait of keert, je verleden maakt deel uit van wie je bent. 

Er is altijd een reden waarom je in het verleden zus of zo was. Als je een hele versie van jezelf wil achterlaten, dan gooi je altijd minstens een stukje van je echte zelf mee weg. 

Zachtjes

Bij een juiste beslissing voel je de zachtheid voor wie je was, en de durf om te worden wie je wil worden. 

Dat is – als er triestheid bij je keuzes tevoorschijn komt – het kompas dat je kan gebruiken. Kan je het verleden en de toekomst met elkaar verenigen? 

Je zal ook merken dat je bij een juiste beslissing in een vreemde tussenfase komt van triestheid en nieuwsgierigheid. Dat je triest bent over wat je achterlaat, maar tegelijkertijd nieuwsgierig en opgewonden over waar je naartoe gaat. 

En dan kan je met een gerust hart beginnen met je droefheid te verwerken, met rouwen om het vorige boek terwijl je begint aan een nieuw.

En ook over rouwen is enorm veel te vertellen, maar dat is een verhaal voor een andere keer. 

Wil je hiermee met mij aan het werk of heb je vragen? Neem gerust contact op.