De Waarde van Pen & Papier

Cedric Van Eesbeeck Loopbaancoaching stress burnout ADHD Leuven Tienen Boutersem

Hoi, mijn naam is Cedric en ik coach mensen van Leuven tot Tienen – in Boutersem. Ik specialiseer mij in loopbaancoaching, stress, burnout en ADHD. Doorheen mijn onderzoek en coaching kom ik van alles tegen. En als het nuttig is, dan verpak ik dat graag in een eenvoudig te lezen blog. Mijn cadeautje voor jou. 

Als je al eens coaching bij mij gevolgd hebt, dan weet je dat ik je vraag om je vooruitgang met pen en papier te noteren. De reden daarvoor is wetenschappelijk onderbouwd, en dat leg ik hier graag even voor je uit. 

Zoals altijd begin ik graag met een experiment uit de wetenschap. Coaching is uiteraard een people’s business, maar dat betekent niet dat er geen wetenschap aan te pas komt. 

Het experiment 

In 2014 zochten twee wetenschappers – Mueller en Oppenheimer (geen familie van) – het antwoord op de vraag: welke studenten scoren het best op een test: studenten die notities met de hand nemen of studenten die op een laptop typen? 

Gelukkig is dit vrij eenvoudig te testen. Ze verdeelden een klas studenten in twee groepen en lieten hen vijf TED-talks kijken. De ene groep nam notities met de hand, de anderen gebruikten hun laptop. 

Een half uur later kregen ze een test met feitelijke vragen – zoals “wanneer bestond de Indus-samenleving?” – en conceptuele vragen – zoals “vergelijk Zweden en Japan in hoe ze met ongelijkheid omgaan in hun samenleving.” 

De resultaten worden in het onderzoek uitgedrukt in z-scores. Dus als jij statistiek studeert, hier is de link en vertaal ze gerust zelf naar mensentaal. Mijn eigen vertaling: de twee groepen scoorden gelijk op de feitelijke vragen, maar de groep die handgeschreven notities had, scoorde een volle 12 percentiel punten hoger op de conceptuele vragen.

Handgeschreven hersenen

Om dit uit te leggen keken Mueller en Oppenheimer naar welke hersendelen actief zijn bij het schrijven: de motorische cortex, het visueel-ruimtelijk systeem, de hippocampus en de prefrontale cortex. 

Bij het typen wordt vaak enkel spiergeheugen geactiveerd (het induwen van de juiste toets) en in mindere mate de hippocampus. Dan is het ergens logisch dat conceptuele vragen moeilijker lopen. 

Minder woorden 

De leerlingen die deze resultaten kregen waren het er echter niet mee eens. 68% van de leerlingen zei dat ze overtuigd waren dat getypte notities beter en vollediger waren dan handgeschreven versies. 

Mueller en Oppenheimer vergeleken de samenvattingen van de studenten en zagen dat er inderdaad opvallende verschillen waren. Getypte samenvattingen bevatten gemiddeld 310 woorden, tegenover 173 bij de handgeschreven samenvattingen. Dan moet de getypte samenvatting toch beter zijn, of op zijn minst meer volledig, toch? 

Experiment 2 

Een nieuw experiment dan maar. Opnieuw twee groepen leerlingen, opnieuw de helft met een laptop en de andere helft met pen en papier. Maar deze keer kwam de test een week na de les, en kregen de studenten 10 minuten op voorhand tijd om hun notities opnieuw door te nemen. 

Ze kregen opnieuw een test met feitelijke en conceptuele vragen, en het idee was duidelijk. De getypte samenvatting – met meer woorden – zou het in ieder geval beter doen voor de feitelijke vragen. 

Helaas voor de laptophelden 

De resultaten waren echter omgekeerd: de leerlingen die hun handgeschreven notities inkeken voor de test scoorden zowel op de feitelijke als de conceptuele vragen beduidend beter dan de andere groep. Voor de statistieken verwijs ik je opnieuw naar het onderzoek. 

Het verschil tussen beide groepen was echter nog groter dan bij het eerste experiment. Mueller en Oppenheimer hebben daar verschillende conclusies uit getrokken. 

Voor de conceptuele vragen was het voordeel van in het begin al duidelijk. Als je schrijft, dan verwerk je de informatie met meer diepgang en intensiteit en dat bevordert op zijn beurt een dieper begrip.

Retentie door verwerking

Voor de feitelijke vragen was de verklaring anders. Omdat je met de hand trager schrijft, selecteer je bewuster wat je wel en niet opschrijft. En omdat geschreven notities veel minder woorden bevatten, waren er veel minder feiten om te herlezen voor de test. Je hebt dus meer nagedacht over wat je wel en niet opschrijft, en je hebt achteraf minder te herlezen. Dubbele win. 

En een laatste conclusie: de leerlingen die notities typen onthouden er na een week veel minder van dan zij die met de hand schrijven. Je verwerkt de informatie dus niet alleen beter, je onthoudt ze daarna ook beter. 

De pen is machtiger dan het toetsenbord 

En hier wil ik je graag waarschuwen, voor je besluit je laptop door het raam te gooien en je verdere leven met pen en papier te vullen. Als je nu denkt dat het beter is om alles met pen en papier te doen, dan heb je een belangrijk punt gemist in deze experimenten. 

Mueller en Oppenheimer spreken namelijk niet over productiviteit of creativiteit. Het gaat hier enkel en alleen over retentie, over onthouden en bijleren. Niets houd je tegen om al je werk digitaal te blijven doen, en er zijn ook talloze voordelen aan. 

Deze experimenten gaan over retentie, onthouden en begrijpen. En daar is de conclusie simpel: je moet echt moeite doen om bij te leren. 

Het klinkt misschien demotiverend dat je altijd moeite moet doen om vooruitgang te boeken met jezelf, maar je kan het ook anders bekijken: 

Als je moeite doet, ben je quasi zeker dat je vooruitgang maakt met jezelf. 

Moeite voor coaching 

Als ik even schaamteloos commercieel mag zijn: ook in coaching is die moeite van essentieel belang. Talloze onderzoeken tonen bijvoorbeeld aan dat zelfs een gratis coaching sessie minder effect heeft dan een betalende sessie. 

Je bent natuurlijk altijd welkom om mijn coaching-aanbod te bekijken als je een coach zoekt, maar mijn blogs zijn in eerste instantie nog altijd een cadeau van mij voor jou. En het cadeau is dat kleine stukje inzicht in zelfontwikkeling dat door Oppenheimer en Mueller onderzocht werd: 

Moeite doen en bijleren gaan hand in hand.  

Doe ermee wat je wilt, it’s my gift to you. 

C